starnieuws

Column: Politieke Borrelpraat 590

15 Dec, 22:46

Ingrid Bouterse-Waldring, voorzitter ressort Blauwgrond en partijleider Desi Bouterse zaterdag bij de opening van het partijcentrum aan de Bonistraat. (Foto: René Gompers)
“Sjonge sjonge, dat was me een politieke grootpraterij, sorry, grootspraatserij, daar op Geyersvlijt bij de opening van dat paarse verkiezingscentrum.”
“Een grootblaffer adviseert de president zelfs om vanwege het vonnis van de Krijgsraad rancuneuze maatregelen tegen de rechterlijke macht te nemen.”
“Sommige politici zijn net als schepen in de mist: hoe meer ze de weg kwijt zijn, hoe harder ze met hun misthoorn loeien.”
“Maar de paarse propaganda veroordeelt die 20 jaar-veroordeling als een slinkse rechtse gerechtelijke staatsgreep, een politiek vonnis met een veroordeelde verdachte, of is het en verdachte veroordeelde, op het moment dat die in zijn huidige functie als staatshoofd op buitenlands staatsiebezoek was.”
“Da wat? Meneer wilde toch nooit ter rechtszitting verschijnen? Dan maar bij verstek.”
“Uit al dat gehuil en geblèr van de toppers van de Paarse belangenvereniging blijkt duidelijk dat dit vonnis net zo raak was als die ferme klap van Bigi Boy tegen de bovenlip van zijn tegenstander. Goed getimed, goed gericht.” 
“Dus je geeft toe dat het een rechtse coup was tegen onze volkspresident?”
“Ik geef niets toe, ik constateer iets. En het vonnis was niet zozeer gericht op degene die president is, die is toch maar een speelbal van machten achter de schermen, net als de vorige, zij het in wat mindere mate overigens.”
“Dan tegen wie was dat vonnis dan gericht?”
“Vooral tegen degene zonder wie de grootste politieke partij in den lande uiteenvalt in een aantal stammen.”
“Maar ook op het nationale politieke schaakbord zijn er een aantal stammen te onderscheiden.”
“Noem ze nò, meester, noem ze.”
 “Ach je kent ze ook. In willekeurige volgorde: alvast de gele stam der Lonnianen; die heeft met schoenen kussende teruglopers enzo een plein weten te vullen.”
“Oké, die haalt zeker zetels. En welke stam nog meer?”
“Die van de rood-witte Somodianen, die vulden een partijcentrum op geoccupeerde havengrond. Ook die halen wat zetels.” 
“Klopt, want deze twee stammen worden door rasechte populisten geleid.”
“Maar wattebout mijn stam der Santokianen, waar laat je die?”
“Die vormt inderdaad de grootste etnische stambundeling, ze halen flink wat zetels, maar hun zwakte is het gebrek aan een populistische leider, een volksmenner, eentje voor wie men bereid is te sterven, waartoe onze Donkige pastor het volk in de ArenA opriep. Nee, jullie begrepen me verkeerd, ik bedoelde het figuurlijk, net als in een liefdesrelatie: ’skatje, mi wan dede gi yu.” 
“En net als Oranje mist ook de groene partij zo een populist, met alle respect voor de huidige voorzitters van Groen en Oranje. Ze doen hun best, dat zeker.” 
“Maar petje af voor de Groene Partij: Doeweentje Tellig treedt uit alle partijstructuren, hangende het onderzoek naar een aanklacht wegens seksueel molest.”
“Is dit een manier om een politieke tegenstander te kortwieken?”
“Werd de paarse Stijfmeier ook niet insgelijks gekortwiekt na z’n avonduur en avontuur in een Vandevalk hotelkamer?”
“Zie je waarom ik blijf zeggen: politiek is vies.”
“Dat weet iedereen. Wees daarom des te voorzichtiger als je de politieke arena binnenstapt en luidkeels dingen verkondigt.”  
“Dus als je het echt wil maken in de Surinaamse politiek, dan moet je een populist zijn en liefst een mannenfiguur waar vooral de vrouwen voor vallen, niet omgekeerd.”
“Ach kom, wat een onzin.”
“Echt niet. Een mannelijke populistische leider trekt eerder de vrouwen en vrouwtjes aan en die trekken de mannen mee. Een vrouwelijk politiek leider stoot eerder vrouwen af en bezorgt de mannen kopzorgen. Kijk maar naar onze politieke historie.”
“Ik blijf dit grote onzin vinden, hoewel…” 
“Dus dan zou je op grond hiervan een globale uitspraak over de uitslag van de komende verkiezingen kunnen doen?”
“Nou, heel globaal: Negentig procent van de stemmers stemt op Paars, Oranje, Geel of Rood-wit.”
“En de zetelverdeling binnen die 90%?”
“Wie in de stad de meeste stemmen haalt, gaat er met de meeste zetels vandoor. Vanwege ons oneerlijk kiesstelsel dat sinds onze eerste Algemene Verkiezingen op 30 mei 1949 vooral de hoofdstedelijke kiezers zwaar bevoordeelt en vooral de kiesdistricten met een Aziatische meerderheid zwaar benadeelt uit vrees voor een Aziatische politieke overheersing.”
“Nu is ons hele land de kolonie van een Aziatisch land geworden, zie het steengoede artikel van Rudie Ali op Sterrennieuws: De schuldenval diplomatie.” 
“Maar Bree Hansveld had het in zijn ook steengoede artikel over de macht van de Zwijgende Meerderheid onder de kiezers.”
“Maar is dat werkelijk zo een grote groep?”
“Zeker. Men noemt ze onterecht ‘de zwevende kiezers’, want ze zweven niet, ze denken tenminste na voordat ze gaan stemmen. En wie deze groep in de stad en Wanica naar zich trekt, wint in feite de verkiezingen, want die twee andere blokken, Paars tegenover de andere kleuren, zijn qua stemmenaantal ongeveer even groot.”
“Zoiets, ja.”
“Dus al dat lawaai dat de bestaande politieke partijen over zichzelf en tegen elkaar maken, is bedoeld om deze ‘zwijgende kiezers’ binnen te halen?”
“Klopt helemaal, want je eigen aanhangers, sma sa e dede gi a partijleider, heb je al. Die gaan je echt niet laten, al word je tot 100 jaar veroordeeld. Zie de ontvangst te Zanderij van B.I.B. Dat staat voor: Bigi Ingie Boy.”
“Maar wat is de zwakte van deze zwijgende meerderheid?”
“Ze hebben geen charismatische leidersfiguur op hun niveau, ze hebben een hoop leidertjes en partijtjes en die denken met maar schelden op Bouta en rechtszaken tegen de regering deze zwijgende groep naar zich te trekken. Weinig kans. Ze gaan liever niet stemmen, dan hun stem aan schreeuwerig klein politiek grut te verliezen.”
“En op de achtergrond staat die koers op springen. De goedkope dollars bij Djotehlallal zijn bijna op. Nergens kan de overheid nog eens 500 miljoen US$ lenen om de uitgaven tot 25 mei te dekken.”
“Dus dankzij dat verhoogde leningenplafond gaan ze de komende maanden vrij-vrij monetair financieren. En met dat vele ongedekte geld extra in roulatie gaat die koers springen, vooral ook dankzij onze dalla-cashcultuur vanwege onze enorme informele sector.” 
“Jeetje, ik moet gaan, ik heb nu mensen die voor me in die rij bij Djotehlalal staan. Een hele verkeerschaos daar. Dalijk d’o gwe nanga mi moni. Proost.” 

Rappa